Discipel?

Op allerlei plaatsen wordt het woord ‘discipelschap’ gebruikt. Waar komt dit vandaan en wat wordt er mee bedoeld? En wat kunnen wij daarvan leren?

Aandacht voor discipelschap

discipel2Veel boeken die in het Westerse deel van de wereld van de wereld verschijnen, worstelen met de vraag naar de oorzaken van secularisatie en kerkverlating in ons deel van de wereld. Maar ook zoeken veel schrijvers naar antwoorden op de crises van het christelijk geloof. Velen stoppen met mopperen op de tijd of de niet(-meer)-gelovigen, maar zoeken het heil in een verdieping van het leven als christen. Wanneer we weer het leerling van Jezus zijn in al zijn rijkdom herontdekken en uitleven zal dat, volgens hen, het tij doen keren. Maar onder de vlag van discipelschap worden heel wat verschillende zaken ondergebracht.

Een christen is ‘discipel van Jezus’

Het woord ‘discipelschap’ wordt onder meer ontleend aan de opdracht die Jezus in Mattheus 28: 19 en 20 aan de apostelen geeft:

“Ga dus op weg en maak alle volken tot mijn leerlingen, door hen te dopen in de naam van de Vader en de Zoon en de heilige Geest, en hun te leren dat ze zich moeten houden aan alles wat ik jullie opgedragen heb.”

Zo worden nieuwe christenen verbonden met de eerste volgelingen van Jezus, die Hij heel concreet vroeg alles achter te laten en Hem te volgen. (Lukas 5: 27 en 28)

John Stott houdt in zijn laatste boek ‘The Radical Disciple’ een pleidooi om de volgelingen van Christus ‘discipelen’ te noemen in plaats van ‘christenen’. De aanduiding ‘discipel’ impliceert een relatie van een leerling met een leraar. Ook de discipelen van Jezus plaatsten zich helemaal onder de autoriteit van hun leraar en heer. Hij voegt het woord ‘radicaal’ aan ‘discipel’ toe, omdat er verschillende niveaus van toewijding zijn in de christelijke gemeenschap. Veel discipelschap is  selectief en beperkt tot die gebieden, die ons uitkomen en niet te veel van ons vragen.

De beelden, die Jezus in Mattheus 5 gebruikt, betrekt hij op heel de wereld: Julie zijn zout en licht (Mat 5: 13-16)

Een discipel van Jezus is anders

andersVeel schrijvers over discipelschap benadrukken een onderscheidende levensstijl als belangrijk kenmerk van toegewijd discipelschap.  Door de genade van God worden we andere mensen. Als het goed is. Maar waarin worden we anders? In het boek ‘Navolging’ van Dietrich Bonhoeffer vinden veel mensen inspiratie voor een radicale manier van christen-zijn. Zowel in een geestelijk leven, als in een geëngageerde levenshouding.  Omdat veel schrijvers discipelschap betrekken op alle aspecten van het leven wordt vaak een tussenweg gezocht tussen ‘uit de wereld vluchten’ en ‘aan de wereld aanpassen’.

Een discipel van Jezus is discipel in heel het leven

licc1 Publicaties van het London Institute for Contemporary Christianity (LICC) benadrukken de schadelijke invloed die de kloof tussen het heilige en het wereldse heeft op discipelschap. Wanneer ons christen-zijn beperkt wordt tot geestelijke bezigheden (gebed, bijbellezen, geloven) of kerkelijke activiteiten (kerkdiensten, vrijwillgerswerk in de gemeente, Bijbelkring) en gelovigen daarvoor toegerust worden, laat dat het grootste deel van ons leven (werk, school, sporten, wonen, vrije tijd, vakantie) ongemoeid.

licc2Wanneer we in de kerk echter ook gericht zijn op ons discipelschap buiten de kerk, gaat er een wereld van mogelijkheden en uitdagingen open. Wat betekent het voor ons doen en laten, omgaan met tijd en geld, colllega´s en buren, prioriteiten en gebed wanneer we Gods Koninkrijk ook zoeken op ons werk, in onze straat, op school en in de sportkantine?

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink .

Een reactie op Discipel?

  1. Wout zegt:

    Interessante blog! Er is één ding wat ik niet begrijp. In deze blog verbind je discipelschap aan het doen aan ons doen en laten: Discipel zijn betekent een geëngageerde levenshouding en een feitelijk positieve reactie op de vraag van Jezus om Hem te volgen. Terecht schrijf je dat “de discipelen van Jezus zich helemaal onder de autoriteit van hun leraar en heer plaatsten”.
    Het worden van een discipel betekent dus een antwoord op een vraag en een keuze voor navolging.

    Tegelijk bedien je de doop aan kinderen die nog helemaal geen antwoord kunnen geven of een keuze kunnen maken. Als basis voor de kinderdoop noem je zondags altijd het zendingsbevel of beter: Het “discipelmaakbevel”. Als ik echter je bovenstaande blog lees, kunnen baby’s nog geen discipel zijn omdat zij nog niet kunnen antwoorden en zichzelf nog niet onder de autoriteit van hun leraar en heer plaatsen. Desondanks geef je ze toch het teken dat Jezus in zijn zendingsbevel voorbehoudt voor hen die echt zijn volgeling en discipel willen zijn.

    Het zendingsbevel zegt feitelijk: “Maakt hen tot mijn discipelen door hen te dopen”. Hoe moet ik je uitleg voor de kinderdoop plaatsen in het licht van je bovenstaande blog? Hierboven schrijf je dat het zijn van een discipel een keuze vraagt. Geldt dat dan niet voor baby’s die je doopt alsof ze al een discipel zijn en dus al antwoord hebben gegeven? En als ze nog geen discipel kunnen zijn, wat is dan de reden waarom we kinderen dopen?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s